Meditatie: Petrus weent

En terstond kraaide de haan; en Petrus werd indachtig het woord van Jezus… En naar buiten gaande, weende hij bitter.
Mattheüs 26 : 75

Terwijl het verhoor in de zaal plaatsvindt, is Petrus op de binnenplaats. En dan gebeurt het: terwijl Christus onder ede verklaart dat Hij de Zoon van God is, op datzelfde moment zweert Petrus dat hij deze Jezus niet kent. Tot driemaal toe. En dan kraait de haan. ‘Terstond’, schrijft Mattheüs. Op datzelfde moment. En Lukas schrijft hierbij, dat de Heere zich omkeert en Petrus aanziet.

Op datzelfde moment. Petrus keek op. En de Heere keek hem aan. De kreet van de haan scheurde de stilte van de duisternis. De blik van Jezus scheurde zijn hart. En terwijl Hij Petrus aankeek, ging met die blik de verborgen kracht van zijn Geest gepaard. En zo deed Hij de stralen van zijn genade tot in zijn hart doordringen. Het is alleen de liefde van Christus die Petrus redt. Hij schrijft Petrus niet af.

Dat doet Hij nog steeds niet. Hoe laag wij ook zijn terecht gekomen. Als wij uit zwakheid in zonden vallen (en voor je er erg in hebt, lig je), zo moeten wij aan Gods genade niet vertwijfelen. Heden roept God u. In dit Woord. Waar bent u? Een eind weg? Al bedde ik mij in de hel, zie Gij zijt daar… Ook in de diepte van de hel waar wij ons instorten, ook daar weet Hij ons te vinden.

En dan? Petrus moet eruit. Niet naar de strop toe, maar naar God toe. Daar hebt u de droefheid naar God. Er is boetvaardigheid, berouw over onze zonden. Dan hebben we er pijn aan, dat wij de Heere op het hart hebben getrapt. De droefheid naar God, die wordt het meest in de eenzaamheid geleden. Voor het aangezicht van God. Zie maar naar Petrus. Hij gaat naar buiten.

Jezus blijft binnen. Hij gaat zijn bloed storten. Hij gaat al die ontrouw verzoenen. Daarvoor gaat Hij naar het kruis. Om mensen die tot Hem roepen, genade te kunnen bewijzen.

VDM

Bron:
Dagboek: Gods weg met mensen.

(dr. M. van Campen)
www.boekencentrum.nl

Print Friendly, PDF & Email